AMSTERDAM

export.png

Grenzen aan het massatoerisme

30.000 Amsterdammers hebben het College van B&W gevraagd om grenzen te stellen aan het massatoerisme en een Wethouder van Toerisme & Leefbaarheid te installeren.

 

Nieuw beleid

Jarenlang is het aantal toeristenovernachtingen in Amsterdam explosief gegroeid. De extreme groei van het toerisme heeft het straatbeeld en de economie van de binnenstad in korte tijd tijd onherkenbaar veranderd. Veel winkels met een buurtfunctie zijn verdwenen, het aantal Nutellashops, Airbnb’s en steakhouses is geëxplodeerd en veel bewoners voelen zich niet meer welkom in hun stad. 

 

Zonder radicaal ander beleid zullen steeds meer normale winkels verdwijnen, steeds meer bewoners uit de binnenstad vertrekken en zal de economische afhankelijkheid van toerisme toenemen tot er op een gegeven moment geen weg terug meer is.

 

Uitgangspunt verordening  “Toerisme in Balans”

In de kern is toerisme positief voor Amsterdam. Het draagt bij aan gezonde financiën, culturele verrijking, levendigheid en aanzien van de stad. Er is echter een optimum. Vanaf een bepaald aantal bezoekers raakt de stad uit balans en worden de nadelen van toerisme groter dan de voordelen.

 

Om de balans te waarborgen, stuurt de verordening op het aantal toeristenovernachtingen dat de stad op een gezonde manier aankan en wordt de toeristische druk per wijk actief gemonitord. Dreigt het aantal toeristenovernachtingen buiten de bandbreedte van 10 tot 20 miljoen overnachtingen (met signaalwaarden van 12 en 18 miljoen) per jaar te vallen en/of zijn er wijken waarin de toeristische druk zo hoog is dat bewoners er niet meer prettig kunnen wonen, dan moet het college alles doen dat redelijkerwijs mogelijk is om de balans te herstellen.

Download de verordening "Toerisme in Balans"

HEEFT EEN KEUZE

Teken het referendum

Verordening "Toerisme in Balans"

In februari lag de eerste versie van onze verordening voor in de raadscommissie. De meerderheid vond de verordening echter nog niet klaar voor bespreking in de raad. Wij hebben  de verordening daarom na overleg met partijen in de gemeenteraad op enkele punten aangepast. Zo is er een passage toegevoegd over het beperken van de stroom aan dagjesmensen en zijn op basis van de Uitvoeringstoets de termijnen voor het schrijven van onder meer de beleidsnota verruimd.
 
De belangrijkste aanpassing van de verordening ligt echter bij de brandbreedte. In de oorspronkelijke verordening was een maximum van 14 mln overnachtingen per jaar opgenomen. Al snel werd echter duidelijk dat hiervoor geen meerderheid te vinden was. We hebben er voor gekozen om pragmatisch te zoeken naar het laagste aantal waar wel een meerderheid voor te vinden was.

Uiteindelijk is in de verordening die donderdag voorligt een duidelijke bovengrens opgenomen van 20 miljoen overnachtingen per jaar, met een signaalwaarde van 18 mln overnachtingen. Dit betekent dat er een beleidsnota moet worden opgesteld met maatregelen om te zorgen dat de bandbreedte niet wordt overschreden, wanneer het college verwacht dat  het aantal overnachtingen binnen 2 jaar boven de 18 mln komt.

Wij kunnen ons voorstellen dat de hogere bovengrens vragen oproept, aangezien er in de eerdere versie een stuk lagere grens gehanteerd werd. Toch zijn wij tevreden en zelfs trots als onze verordening, waar wij het afgelopen jaar veel van onze vrije tijd in hebben gestoken, aankomende donderdag wordt aangenomen. Ons doel is altijd geweest om duidelijk te maken dat er grenzen zitten aan de groei en dit wordt nu officieel vastgelegd in een verordening.

Als de verordening wordt aangenomen, wordt er voor het eerst daadwerkelijk gestuurd op het volume en de impact van toerisme. De 20 miljoen overnachtingen waar het college en de raad zich aan verbinden, ligt 10% lager dan in 2019 en er is een meerderheid in de raad nodig om dit getal in de toekomst te wijzigen. Volgens recente inschattingen zal het aantal overnachtingen zonder gewijzigd beleid in 2023 al boven de waarde in 2019 komen en  in 2030 zelfs al richting de 30 mln gaan. Met onze verordening kunnen we (eventueel zelfs juridisch) afdwingen dat het college alles doet om te zorgen dat het niet zo ver komt.
 
De verordening geeft ook expliciet aandacht aan de leefbaarheid per wijk. Als de leefbaarheid in een wijk onder druk staat, heeft het college een inspanningsverplichting om maatregelen te nemen die de leefbaarheid snel mogelijk kunnen herstellen. Bewoners blijven zo in alle wijken centraal staan en er moet beleid komen als de balans verstoord raakt.
 
Uiteraard zijn we er met deze verordening nog niet. De verordening is dan ook meer een middel om tot beleid te komen dan een oplossing op zich. Het beleid zal uiteindelijk vanuit het college en de raad moeten komen. Naar ons idee is het verstandig om bij groeiende aantallen een forse verhoging van de toeristenbelasting (in de orde van 30%) te gebruiken om aan de ene kant de vraag te reguleren en aan de andere kant de inkomsten van toerisme bij de gemeenschap te brengen. De verordening dwingt het college om deze oplossing elk jaar dat de balans dreigt te verstoren te onderzoeken.

Behalve een verplichting om de mogelijkheid tot regulering van het aantal overnachtingen via de toeristenbelasting te onderzoeken, blijft het primaat voor beleid liggen bij de raad en het college. Bij groeiende aantallen zal de verordening de discussie over Airbnb, I-criterium, Wallen, hotelbeleid en andere maatregelen echter steeds meer onder druk zetten. Het is niet meer mogelijk te wijzen naar andere partijen die iets niet willen; er moet effectief beleid komen en het college komst niet meer weg met schijnoplossing als spreiding of citymarketing. We bieden het college en de raad hiermee een (min of meer dwingend) framework om beleid te vormen voor overtoerisme. 

Wij hopen dat onze verordening zo een bijdrage kan leveren aan het nemen van fundamentele maatregelen om de leefbaarheid van onze stad te waarborgen. Daarnaast hopen we dat andere partijen (zoals bewonersverenigingen) de verordening zullen gebruiken om het college en de raad tot actie te bewegen als dit nodig is.

Mochten jullie nog vragen hebben, dan gaan we graag in gesprek.

 

 

Groeten,


De initiatiefnemers

 

Waarom een drastische verhoging van de toeristenbelasting gerechtvaardigd is.

Als je een romantisch beeld hebt van een klein en knus Amsterdams hotel aan de gracht, dan kom je al snel bedrogen uit. De realiteit is namelijk anders. De vijftig grootste hotels in Amsterdam exploiteren 15.000 hotelkamers en verzorgen bijna de helft van alle hotelovernachtingen in de stad. 42 van de 50 hotels zijn in handen van grote buitenlandse hotelketens en 90 procent van de miljard euro omzet die deze 50 hotels gezamenlijk genereerden in 2019, komt terecht bij buitenlandse partijen.

 

Dat er in de hotelbranche extreme winsten gemaakt worden is duidelijk terug te zien in de waarde van het vastgoed met een hotelbestemming. Het Double Tree hotel bij het Centraal Station is in juli 2019 bijvoorbeeld voor 425 miljoen euro verkocht door een Chinees investeringsfonds aan een Frans verzekeringsfonds. Het hotel beslaat ongeveer 12.500 vierkante meter, wat betekent dat er 34.000 euro per vierkante meter is betaald. Als je rekent met een zelfs voor de Amsterdamse woningmarkt riante prijs van 10.000 euro per vierkante meter, zou het vastgoed zonder hotelvergunning 125 miljoen euro waard zijn. De vergunning is dus grofweg 325 miljoen euro waard op deze locatie. Maar, en daar zit het probleem: alle hotelvergunningen zijn gratis uitgegeven door de gemeente.

 

Kortom, de gemeente heeft feitelijk een aantal buitenlandse partijen gratis het alleenrecht gegeven om ongelofelijk veel geld te verdienen aan de populariteit van Amsterdam. Dit alleenrecht wordt de komende jaren alleen nog maar meer geld waard als de groei van 2019 terugkeert. De gemeente heeft een vergunningenstop ingevoerd waardoor het aanbod van hotelkamers niet meer (zo hard) groeit vanaf 2022. Als de vraag blijft groeien en het aanbod niet, leidt dit tot nog grotere megawinsten voor de (veelal buitenlandse) spelers die nu de markt monopoliseren.

 

Een forse verhoging van de toeristenbelasting als de toeristische vraag weer aantrekt, zorgt ervoor dat de winsten eerlijker verdeeld worden en dat investeerders eerder voor woningbouw zullen kiezen dan voor nog meer hotels. De hotels zullen nog steeds meer dan rond kunnen komen, er worden alleen geen megawinsten meer gemaakt door de eigenaren van het vastgoed.

FAQ

Maar als je zover bent gekomen, moet je eigenlijk gewoon de de verordening en de toelichting downloaden natuurlijk:)

Hotels buitenlands.JPG

1. Blijft de stad nog bereikbaar voor de arme backpacker?

De goedkoopste slaapplaats in een hostel die in 2019 in het centrum van Amsterdam te boeken was, kostte een toerist 20 euro. Hiervan was 7% + 3 euro toeristenbelasting. De basisprijs van de overnachting was dus 15.88 inclusief BTW. Wanneer in een nieuwe situatie met zeer hoge toeristische vraag de toeristenbelasting naar 45% verhoogd zal worden, kost deze kamer op zijn hoogst 1.45 * 15.88 = 23 euro als het hostel de volledige toeristenbelasting doorberekend aan de toerist. Het is moeilijk te stellen dat Amsterdam op deze manier onbereikbaar is geworden.

 

Daarbij heeft de gemeente autonomie in het vaststellen van de toeristenbelasting en de keuze welke toerist gestimuleerd wordt om te komen of juist niet. Er kan voor zover juridisch mogelijk worden gekozen budget toeristen minder of juist relatief meer te belasten; congresgangers vrij te stellen; gezinnen voordeel te bieden ten opzichte van anderen; mensen die langer verblijven een lager tarief te rekenen en ga zo maar verder. In het huidige beleid worden kinderen tot 16 jaar bijvoorbeeld vrijgesteld van het vaste deel van het tarief van 3 euro per nacht.

In de toelichting op de huidige verordening over de toeristenbelasting staat hierover geschreven ”De wetgever heeft ten aanzien van de toeristenbelasting expliciet aangegeven dat differentiaties met betrekking tot de overnachtingsprijs aanvaardbaar zijn. Voor toepassing van differentiatie geldt dat deze niet mag leiden tot strijdigheid met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Van strijdigheid met het gelijkheidsbeginsel zal niet snel sprake zijn, aangezien de toeristenbelasting meerdere doeleinden heeft, te weten: opbrengst verwerven en regulering. Hierbij kan worden aangesloten met de differentiatie.” Er lijkt juridisch veel mogelijk op dit vlak.

2. Zijn echt zoveel hotels in handen van buitenlandse investeringsfondsen en is het vastgoed met een hotelbestemming echt zoveel waard?

Ja, van de 25 grootste hotels in Amsterdam is er maar 1 in handen van een Nederlands bedrijf. Deze 25 hotels hadden in 2019 gezamenlijk meer dan 650 miljoen euro omzet. Hetzelfde geldt voor een groot deel van de rest van de hotels; de winst verdwijnt naar het buitenland en Amsterdam draagt de lasten.

 

 

Een aantal markante vastgoeddeals van de afgelopen jaren maakt duidelijk hoeveel geld er met een hotelvergunning te verdienen is in Amsterdam. Doordat het aanbod beperkt wordt (met de hotelstop) en de vraag blijft stijgen (omdat steeds meer mensen naar Amsterdam willen komen), kunnen hotels steeds hogere prijzen rekenen voor dezelfde service. De gemiddelde kamerprijs is tussen 2012 en 2019 met 40% gestegen vanaf 120 euro tot 167 euro per nacht, terwijl de kamers alleen maar kleiner zijn geworden. Dit heeft een extreem effect gehad op de winstgevendheid en daarmee de vastgoedprijzen van hotels.

 

Het is onwenselijk dat een vrijwel gratis hotelvergunning veel waarde toevoegt aan particulier vastgoed. Daarnaast is het niet te verantwoorden dat er een paar veelal buitenlandse partijen zijn die megawinsten behalen aan de populariteit van Amsterdam, terwijl de stad en de bewoners de lasten van het massatoerisme dragen. Een forse verhoging van de toeristenbelasting bij aantrekkende toeristische vraag haalt de overwinsten naar de gemeenschap en remt het aantal toeristenovernachtingen.

Het college wordt aangespoord om alle transacties van vastgoed met hotelbestemming van de afgelopen jaren uitgebreid te laten onderzoeken en te bepalen welke waarde een gratis hotelvergunning toevoegt aan particulier vastgoed.